Snurken of slaapapneu? In Amsterdam kijken wij naar kaakstand, tongruimte en beet, en naar de invloed daarvan op uw ademhaling tijdens de slaap.
Snurken wordt vaak als een ongemak gezien. Maar het kan wijzen op iets dat tandheelkundig goed te beoordelen is: te weinig ruimte voor de tong en een kaak die de luchtweg onvoldoende openhoudt.
Onze praktijk kijkt niet alleen naar hoe iets eruitziet, maar vooral naar hoe het gebit als geheel functioneert. Dat varieert van een gelijkmatige en gelijktijdige beet tot complexere vraagstukken zoals kaakvernauwing, beperkte tongruimte en de invloed daarvan op ademhaling, snurken en slaapapneu.
Een smalle bovenkaak geeft de tong minder ruimte. Komt de tong te ver naar achteren, dan vernauwt dat de luchtweg — vooral liggend, en vooral in diepe slaap.
Luid en aanhoudend snurken, ademstops die door een partner worden opgemerkt, wakker worden met een droge mond of hoofdpijn, en overdag slaperig of ongeconcentreerd zijn.
Ook tandheelkundig zijn er aanwijzingen: slijtage door knarsen, indrukken in de tong, of een smalle, hoge gehemeltevorm.
Wij beoordelen de tandheelkundige kant: kaakvorm, tongruimte, beet en slijtage. Waar een mondbeugel (MRA) zinvol kan zijn, bespreken wij dat met u.
De diagnose slaapapneu wordt niet door een tandarts gesteld. Die vraagt om slaaponderzoek door een arts. Wij werken daarom samen met en verwijzen naar de juiste zorgverlener — een mondbeugel zonder diagnose is geen goed idee.
Bij kinderen is dit onderwerp extra relevant, omdat de kaken nog groeien. Vroeg signaleren van kaakvernauwing geeft meer behandelmogelijkheden dan wachten tot de groei is afgerond.
Snurken ontstaat wanneer de luchtweg tijdens de slaap gedeeltelijk vernauwt. Het zachte weefsel in keel en gehemelte gaat trillen, en dat veroorzaakt het geluid. Bij slaapapneu is er meer aan de hand: de ademhaling stopt herhaaldelijk of wordt ernstig beperkt.
Dat geeft niet alleen overlast voor de omgeving, maar kan ook invloed hebben op energie, stemming, bloeddruk en algemene gezondheid. Het is daarmee geen cosmetisch ongemak.
Een tandarts ziet regelmatig aanwijzingen die passen bij een verhoogd risico op luchtwegproblemen: slijtage door nachtelijk klemmen, een smalle bovenkaak, een terugliggende onderkaak, beperkte tongruimte, een diepe beet, of een mond die in rust vooral open staat.
Niet elke patiënt met deze kenmerken heeft slaapapneu, en niet elke snurker heeft een tandheelkundige oorzaak. Toch is het verband klinisch relevant genoeg om ernaar te kijken — en het is precies het soort signaal dat bij een routinecontrole zonder functieblik onopgemerkt blijft.
Wij screenen op de tandheelkundige risicofactoren en brengen kaakvorm, tongruimte, beet en slijtage in kaart. Blijkt daaruit een verhoogd risico, dan verwijzen wij voor slaaponderzoek.
De diagnose slaapapneu wordt namelijk niet door een tandarts gesteld — die volgt uit onderzoek onder verantwoordelijkheid van een arts. Een mondbeugel aanmeten zonder diagnose is geen goede zorg, en dat doen wij dan ook niet.
Een MRA is een op maat gemaakt apparaat dat de onderkaak tijdens de slaap iets naar voren houdt, waardoor de luchtweg meer ruimte krijgt. Het wordt per patiënt vervaardigd en stapsgewijs ingesteld.
Het is geen standaard bitje uit de winkel. Een verkeerd ingesteld apparaat kan klachten aan het kaakgewricht of ongewenste tandverplaatsing geven, en vraagt daarom om controle en bijstelling door een behandelaar die ook de beet beoordeelt.
Een MRA werkt over het algemeen het beste bij snurken zonder apneu en bij licht tot matig slaapapneu, zeker wanneer CPAP niet verdragen wordt. Bij ernstig slaapapneu is CPAP doorgaans de eerste keuze.
Ook de staat van het gebit telt: er moet voldoende houvast zijn, en het kaakgewricht moet de voorwaartse positie verdragen. Dat beoordelen wij vooraf.
Bij kinderen is dit onderwerp extra relevant, omdat de kaken nog groeien. Een smalle bovenkaak of beperkte tongruimte is in de groeifase vaak beter te beïnvloeden dan later.
Snurken bij een kind is niet vanzelfsprekend en verdient beoordeling — zeker in combinatie met mondademhaling, onrustige slaap of concentratieproblemen overdag.
Nee. De diagnose slaapapneu volgt uit slaaponderzoek onder verantwoordelijkheid van een arts. Wij kunnen wel de tandheelkundige risicofactoren beoordelen en u gericht doorverwijzen.
Een mandibulair repositie-apparaat kan bij een deel van de mensen helpen, met name bij licht tot matig slaapapneu of bij snurken zonder apneu. Of het in uw geval passend is, hangt af van de diagnose en van uw gebit en beet.
Bij een vastgestelde diagnose kan een deel van de behandeling voor vergoeding in aanmerking komen. Dat verschilt per verzekeraar en per polis; overleg dit met uw zorgverzekeraar.
Ja. Bij snurken zonder apneu kan een MRA vaak verlichting geven. Wij beoordelen eerst of uw gebit en kaakgewricht daarvoor geschikt zijn.
Bij langdurig gebruik kan lichte verplaatsing optreden. Daarom horen periodieke controles bij de behandeling, zodat we tijdig bijsturen.
Maak een afspraak voor een persoonlijk consult bij Mondzorg Sloterweg in Amsterdam